Doorzoek de website


Contact

GardenCare
Gangboord 64
6051 GK Maasbracht

0475-461383
06-51125232

E-mail: gardencare@ziggo.nl

Contacteer ons

(Wilt u s.v.p. ook uw adres en telefoonnummer vermelden?)

 


Augustus

 

Wat kunnen we in augustus in de tuin doen?

Uiteraard: genieten van tuin, terras, beestjes en bloemetjes, genieten en genieten........

Siertuin - plantenborders:

  • Het onkruid in de borders blijven hakken, schoffelen en wieden.
  • Verwijder de uitgebloeide bloemen zodat ze geen energie steken in de zaadvorming waardoor de planten langer doorbloeien en de bloemenborder mooier oogt.
  • Verzamel zaden en doe ze in een enveloppe. Bewaar ze gedurende de winter op een droge plaats.
  • Irissen met een wortelstok kunnen worden gescheurd.
  • Penstemon kan deze maand zeer gemakkelijk door stekken vermeerderd worden.
  • Door regen en wind omgevallen planten zoals zonnebloemen, riddersporen,... opbinden met touw of steunen met bamboestokken, rijshout.
  • De uitgebloeide bloeiaren van de lavendel mag je net boven de bladeren snoeien. De takken die er hier en daar uitspringen en zo een mooi zicht belemmeren mogen ook al worden afgeknipt. U mag zeker niet te diep snoeien, want de plant moet nog weerstand bieden tegen de vorst, vandaar enkel  snoeien ter verfraaiing van de lavendel na de bloei.


 

  • Eind augustus zijn de meeste hagen volledig gestopt met groeien. Als u de hagen met een vlakke bovenkant door de winter wil loodsen dan kan u nog snoeien tot eind augustus. Plaats aan het begin en aan het einde van de haag een paal en span daartussen een touw die je kunt gebruiken als leidraad. Bij de eerste scheerbeurt van de bovenkant controleer je de horizontale touw met een waterpas. Ga aan de haagkant staan waar je het makkelijkst kunt opruimen. Op deze manier komt daar het meeste snoeiafval terecht.
  • Let er bij het snoeien op dat bewolkt weer is, als de zon te fel schijnt heb je steeds kans op verbranding.
  • Scheer coniferenhagen nooit na augustus want dat gaat ten koste van de winterhardheid. Snoei ze bij voorkeur licht conisch zodat het licht ook de onderkant van uw haag kan belichten en de haag ook onderaan mooi gesloten blijft.
  • Zolang de gewenste hoogte bij een loofbladerenhaag niet bereikt is, snoeit u de omhoog groeiende takken ieder jaar een stuk terug. Dit bevordert de groei van de zijtakken.
  • Klimhortensia kunnen na de bloei plat tegen de gevel worden terug gesnoeid.
  • Snoei alle snoeivormen van heesters zoals buxus, liguster, lonicera, Taxus,...

 

 

  • Vanaf eind augustus kun je buxus stekken.
  • Planten in pot zoals buxusbollen met een groot, dicht bladerdek boven de pot dien je regelmatig water te geven. Het bladerdek fungeert als een paraplu waarbij bijna al het regenwater naast de pot terecht komt.
  • Rozen op aantastingen controleren. Schimmelaantastingen zoals sterreroetdauw en meeldauw komen deze maand veel voor.
  • Vergeet niet om regelmatig op het terras onder de parasol van de tuin te genieten. Let wel op met zoete dranken, want vanaf deze maand zijn de wespen op zoek naar zoetigheid en tracteren ze zichzelf maar al te graag op een cola, limonade of biertje van het huis. Hang in de buurt van het balkon of terras een wespenval om de onuitgenodigde gasten te weren.

 

Gazon:

  • Het gazon gaan we 1 of 2 keer per week maaien, afhankelijk van de groei. In droge periodes minder vaak maaien en het gras op een hogere stand afrijden. Om uitdroging door te grote verdamping tegen te gaan kan men bij warm weer met maaien beter wachten tot 's avonds. Het zou anders te snel kunnen verbranden (geel worden). De verse snijwondes van het maaien verdampen immers veel meer.
  • In de zomer moet je, als je in het voorjaar langzaam werkende meststoffen gebruikt hebt in juli of augustus een keer bijmesten. Heb je een kortwerkende meststof gebruikt dan verdient het de aanbeveling om elke maand bij te mesten. Als je je gazon bemest, doe dit dan op een wat sombere niet zonnige dag, dit voorkomt gele plekken. Indien mogelijk het liefst bemesten als de weersvoorspellingen voor de komende dag(en) veel kans op regen geven. Mestkorrels verdeel je op een groot gazon bij voorkeur met een strooiwagen. Doe je dat niet dan kan het zijn dat je plekken vergeet of op de ene plek meer strooit dan op de andere, dit heeft als resultaat dat je een gazon met ‘golven’ krijgt op de ene plek groeit het sneller dan op de andere plek.
  • Als je terug komt van enkele weken vakantie en het gras staat zeer lang, dan maai je dit best eerst in een hogere maaistand en pas na enkele dagen op de normale maaihoogte.
  • Om van je maaisel af te raken, kun je het in een dun laagje uitspreiden achteraan in de plantenborders tussen de sierheesters. Op de plaatsen waar zo'n laagje afgereden grasmaaisel ligt hoef je minder of niet meer te wieden en het maaisel wordt door de tuinwormen omgezet tot humus en voedsel voor de planten.
  • Je kunt ook een grasmaaier gebruiken die het gras bij het maaien ineens versnippert en verspreidt over het gazon.
  • Graskanten afsteken zodat ze niet te diep in de bloemenborder groeien. Slordige graskanten zorgen voor een minder net aanzicht van het gazon.
  • Bij aanhoudend droog en warm weer het gazon regelmatig besproeien. Eenmaal per week gedurende enkele uren water geven is beter dan dagelijks een kwartiertje het zand te blussen. Weet wel dat het niet echt noodzakelijk is om een bestaand gazon te besproeien, want na enkele regenbuien zal het zich heel snel herstellen. Bij het water geven met een tuinslang voorkomen tuinslanggeleiders op de hoeken van de tuinborders dat de waterdarm doorheen de plantenborder worden gesleurd.

Bloembollen en -knollen:

  • Plant vanaf nu paaslelies / narcissen. Als je narcissen in het gazon plant moet je er wel rekening mee houden dat je het gras tot zes weken na de bloei niet mag maaien wil je volgend voorjaar terug bloemen zien.
  • Voor het planten van bloembollen gebruiken we steeds de regel: 'twee maal zo diep planten als de bol hoog is'.
  • Plant bloembollen die in de herfst bloeien zoals bijv. cyclamen.
  • Bij enkelbloemige dahlia's bestaat de kans dat ze na de bloei over gaan tot zaadvorming. Pluk de uitgebloeide bloemen weg zodat de planten deze energie gebruiken om veel beter door te bloeien.
  • Voorjaarsbloembollen moeten in de herfst worden geplant omdat ze een koude periode nodig hebben om in het voorjaar tot bloei te komen. De enige regel is dat voorjaarsbloemen voor de eerste vorst moeten worden geplant. Het is het beste de bollen zo snel mogelijk na aankoop, te planten. Als je ze nog even moet opslaan, zorg dan dat ze droog en koel (tussen de 10 en 15 graden Celsius) bewaard worden.

 

Fruittuin:

  • Oogsten van vroege appels en peren. De vruchten zijn rijp als het steeltje van de tak lost na een licht draaiende beweging.
  • Snoei bij de druivenranken alle bladeren weg die voor de druiventrossen hangen. Die bladeren houden het licht tegen dat voor de druiven nodig is om te rijpen.
  • Knip oude geoogste frambozenstengels af en bind de nieuwe stengels van dit jaar vast. Deze zullen volgend jaar vruchten dragen.
  • Oogsten van rode bessen, bosbessen, bramen, frambozen, kersen, kruisbessen, perziken, pruimen, vijgen, wijnbessen,...
  • Na de oogst van perziken, pruimen, kersen en bessen mag je deze bomen en struiken snoeien.
  • Plant deze maand nieuwe aardbeibedden in. Deze kunnen zich voor de winter nog goed ontwikkelen zodat ze volgend jaar een mooie oogst geven.

Kuipplanten, perkgoed, eenjarige en tweejarige planten:

  • Dit is de maand om te beginnen met stekken te nemen van uw kuipplanten: Pelargoniums (geraniums), Fuchsia's (bellenkensplanten),... Neem krachtige kopstekken van ± 10 cm en verwijder de bloemen. Verwijder de onderste bladeren en snij de stek onderaan net onder een bladknoop schuin af. Bij de Pelargonium kun je best de kleine steunblaadjes op het stengelgedeelte verwijderen want anders kunnen die in de stekgrond beginnen te rotten.
  • Eenjarigen en perkgoed regelmatig water geven en wekelijks bijbemesten om de planten langer te laten doorbloeien.
  • Vanaf augustus kan men volop starten met het zaaien van tweejarige planten. Viooltjes, vergeet-me-nietjes, muurbloemen, duizendschoon,...
  • Uitgebloeide bloemen verwijderen zorgt er voor dat de planten geen energie steken in de aanmaak van zaad maar in de vorming van nieuwe bloemen. De bloembakken staan er alzo ook steeds net en fris bij.

Vijver:

  • Overtollige bladeren van in de vijver te groot geworden planten en beschadigde bladeren wegknippen. In een vijver die volledig is dicht gegroeid met bladeren van bv waterlelies is er teveel schaduw. Dun de planten maar verwijder per beurt niet meer dan 1/3 van de planten.
  • Verwijder eveneens af en toe de uitgebloeide bloemen en dode, beschadigde en afstervende planten. Het voorkomt dat deze in de vijver rotten waardoor de algengroei zou toenemen.
  • Drijvende planten zoals sommige zuurstofplanten kunnen zich tijdens warme dagen zeer snel vermeerderen waardoor het wateroppervlak al snel dreigt dicht te groeien. Dun deze snel groeiende waterplanten regelmatig uit.
  • Draadalgen groeien bij deze temperaturen ook heel snel. Haal eventuele draadalgen regelmatig weg. Algen verwijderen lukt makkelijk met een stok waar u ze omheen draait. Een riek met daaromheen kippengaas gewikkeld is ook handig om in de vijver te roeren en alzo de wieren op te vissen.
  • Door watervlooien aan het vijverwater toe te voegen kun je ook zwevende algen voorkomen. In een vijver met vissen in heeft het weinig zin watervlooien in te zetten daar deze op het menu staan van de vissen.
  • Controleer de waterwaarden regelmatig om tijdig in te kunnen grijpen. Meet de PH-waarde (zuurgraad), de GH-waarde (gezamenlijke hardheid) en de KH-waarde (carbonaatheid).
  • Kijk bij het kopen van een vijverpomp of er geen spons in zit. Pompen zonder spons zijn minder gevoelig voor slijtage door slib.
  • Leg je nu uw vijver aan? Doe dan het volgende: opengevouwen folie een tijdje in de warme zon leggen om beter te verwerken.
  • Vul een nieuwe vijver met kraantjeswater en lees de watermeter voor en na af. Dat bespaart rekenwerk als u er later producten moet aan toevoegen.
  • Leg een nieuwe vijver in de zomer aan, want dan zijn voldoende zuurstofplanten te koop. Die kunnen na enkele dagen in de vijver.
    Goede zuurstofplanten zijn waterpest, hoornblad, fonteinkruid, sterrenkruid, vederkruid en waterranonkel.
  • Maak u geen zorgen als pas uitgeplante waterplanten wegkwijnen. Ze zullen snel nieuwe scheuten vormen en zijn dan volledig aangepast.
    Planten waarvan de namen eindigen op 'Nana', 'Minima' of 'Pygmaea' zijn geschikt voor de kleinste waterpartijtjes, watertonnen en -troggen.
  • Geef nooit steurvoeder aan karperachtigen. Het bevat bloedmeel en veroorzaakt leverziekten bij andere vissen.
  • Geef vissen niet meer voer dan ze binnen de tien minuten kunnen opeten. Het eten dat langer blijft liggen zal naar de bodem zakken en beginnen rotten. Haal voer dat na tien minuten nog in het water drijft weg.
  • Hou de waterstand in de gaten. Op warme dagen verdampen er heel veel liters vijverwater waardoor je het waterniveau van de vijver ziet dalen. Vul regelmatig de vijver bij.
  • In warm en stilstaand water zal het zuurstofgehalte snel dalen. Bij het bijvullen van de vijver spuit je best op het wateroppervlak waardoor er meer zuurstof in het water wordt opgenomen. Dat is van belang voor de vissen en de waterplanten. 
  • Je kunt ook een fontein in de vijver plaatsen om ervoor te zorgen dat het water van zuurstof wordt voorzien. 
  • Tijdens hete zomerdagen kunt u de fontein overdag afzetten om te sterke opwarming van het vijverwater te voorkomen. 's Nachts mag hij weer aan. Denk er aan dat ook onderwaterspots veel warmte afgeven. Vooral in kleine vijvertjes.